Alternatief Brugge: de Ezelstraat en het Sint-Jakobskwartier
Bij The Bruges Explorer wonen en werken we in dit deel van de stad. Dit is de wandeling die we onze gasten meegeven als ze het Belfort al gezien hebben.
Waarom het noordwesten van Brugge leeg blijft
Vrijwel elke bezoeker van Brugge komt aan bij het station of aan ‘t Zand en beweegt daarna naar het oosten: Begijnhof, Minnewater, Rozenhoedkaai, Burg, Markt. Die as is nauwelijks een kilometer lang en slikt op piekdagen tienduizenden mensen. Vijf minuten ten noordwesten daarvan, achter de Sint-Jakobsstraat, valt het stil. Niet omdat er niets te zien is, maar omdat er geen enkele reisgids naartoe stuurt.
Dat is historisch merkwaardig, want in de vijftiende eeuw was dit juist het machtscentrum van de stad. De hertogen van Bourgondië hielden hof in het Prinsenhof, op enkele honderden meters van de Sint-Jakobskerk. Rond dat hof woonden de Italiaanse en Spaanse handelsfamilies, de bankiers, de wapensmeden en de schilders die voor hen werkten. De Markt was de handelsplek, maar hier werd beslist.
Toen het hof in de late vijftiende eeuw naar Mechelen en later naar Brussel verhuisde en het Zwin verder dichtslibde, viel de buurt terug op zichzelf. Er kwam geen grote negentiende-eeuwse restauratiegolf zoals rond de Markt, en er kwam ook geen toerisme. Het gevolg is een wijk die er ongepolijst uitziet: gewone huizen, echte winkels, en tussendoor een kerk of een gevel waar je in een andere stad een rij voor zou zien staan.
Deze pagina is geen lijstje bezienswaardigheden maar een wandeling met verhalen erbij. Reken op twee tot drie uur als je binnengaat waar het kan, of anderhalf uur als je doorstapt. Alles ligt binnen de vesten en is gratis toegankelijk, op de kerken na, waar een vrijwillige bijdrage gebruikelijk is.
Zes haltes, in wandelvolgorde
Sint-Jakobsstraat
Sint-Jakobskerk
De parochiekerk van de rijkste buurt van het vijftiende-eeuwse Brugge. Omdat het Bourgondische hof vlakbij woonde, betaalden hovelingen en buitenlandse kooplui hier hun grafkapellen. Het resultaat is een kerk die van buiten bescheiden oogt en van binnen barst van de praalgraven en schilderijen. Bijna niemand gaat naar binnen.
Ontvangersstraat
Prinsenhof
Hier stond het stadspaleis van de hertogen van Bourgondië. Karel de Stoute trouwde in 1468 in Brugge met Margaretha van York, en de feesten die daarop volgden waren zo buitensporig dat er in heel Europa over geschreven werd. Van het oorspronkelijke complex rest maar een fractie; wat er staat is negentiende-eeuws. Toch voel je aan de schaal van het plein wat hier ooit lag.
Van Sint-Gillis naar de Ezelpoort
De Ezelstraat
Een lange, rechte straat die zelden in een reisgids belandt en precies daarom werkt. Antiquairs, kringloop, een bakker, en gevels uit vier eeuwen naast elkaar. Loop hem helemaal uit tot aan de stadsrand en je ziet Brugge geleidelijk van monument naar woonstad veranderen.
Einde van de Ezelstraat
Ezelpoort
Een van de vier overgebleven stadspoorten van de middeleeuwse omwalling, met een waterpartij en zwanen ervoor. De poorten werden ’s nachts gesloten; wie te laat was, sliep buiten de muren. Van de negen oorspronkelijke poorten staan er nog vier, en deze is met voorsprong de rustigste.
Rond de Sint-Gilliskerk
Sint-Gilliskwartier
Een arbeiderswijk die nooit is verbouwd tot decor. Smalle huizen, kleine cafés, kinderen op straat. Hier woonden in de vijftiende eeuw de schilders en ambachtslui die voor de kooplui in het centrum werkten. Het is de buurt waar Bruggelingen vandaag nog gewoon Bruggeling zijn.
Stadswal, noordwest
De vesten bij de Ezelpoort
De groene gordel rond de stad is aangelegd op de oude verdedigingswal. Op dit stuk kom je nauwelijks toeristen tegen, terwijl je op tien minuten van de Markt bent. Ideaal einde van de wandeling, zeker in de late namiddag.
Het Bourgondische hof: de reden dat deze buurt bestaat
Het Prinsenhof was geen kasteel met torens en grachten maar een stadspaleis: een uitgestrekt complex met woonvleugels, stallen, tuinen en een kapel, midden in het weefsel van de stad. De hertogen van Bourgondië, die in de vijftiende eeuw over een gebied van Bourgondië tot Holland heersten, verbleven er telkens weer, en met hen reisde een hofhouding van honderden mensen.
Het bekendste moment is het huwelijk van Karel de Stoute met Margaretha van York in 1468. De feesten die daarop volgden duurden dagen en werden in heel Europa nagevolgd als hét voorbeeld van Bourgondische pracht. Diezelfde Karel de Stoute geeft vandaag zijn naam aan Hotel Karel de Stoute, een van onze eigen huizen, op wandelafstand van waar het paleis stond.
Van dat paleis is bijna niets over. Na het vertrek van het hof raakte het complex in verval, werd het opgedeeld en verkocht, en wat je vandaag ziet is grotendeels een negentiende-eeuwse herbouw. Toch is de plek de moeite: de schaal van de site verraadt hoe groot dit ooit was, en de omliggende straatnamen — Ontvangersstraat, Geerwijnstraat — dragen de administratie van het hof nog in hun naam.
Wie dieper wil, vindt de context op onze pagina over de geschiedenis van Brugge. En de kerken in deze buurt zetten we op een rij bij kerken en kapellen.
De wandeling, stap voor stap
Start aan de Markt en neem de Sint-Jakobsstraat noordwaarts. Binnen twee minuten is het geroezemoes weg. Ga de Sint-Jakobskerk binnen — de deur oogt gesloten maar is dat meestal niet — en neem de tijd voor de grafkapellen aan de zijbeuken. Wandel daarna via de Ontvangersstraat naar het Prinsenhof.
Vanaf het Prinsenhof loop je naar de Ezelstraat. Neem hem in zijn volle lengte, richting noordwesten. Dit is het deel waar je vanzelf trager gaat lopen: etalages van antiquairs, een kringloopwinkel, en huizen waar mensen effectief wonen. De duurzame winkeladressen die we elders op de site verzamelen, sluiten hier logisch op aan.
Aan het einde van de straat staat de Ezelpoort. Ga eronderdoor, kijk om, en je ziet Brugge zoals een reiziger het in 1450 zag: een muur met een poort, water ervoor, zwanen in de gracht. Sluit af op de vesten, links of rechts, tot je aan de volgende poort komt. Met een fiets rijd je de hele groene gordel in een uur rond.
Praktisch: de hele route is vlak, grotendeels gekasseid, en niet overal even rolstoelvriendelijk. Er zijn onderweg cafés maar weinig openbare toiletten, dus plan die in het centrum. Beste momenten zijn de vroege ochtend en het laatste uur licht. In de winter is dit een van de weinige delen van Brugge waar je echt alleen loopt. Alles staat ook op onze kaart van Brugge, naast de verborgen parels aan de andere kant van de stad.
Everything about alternative Bruges
The 10 most asked questions
Stay & ride
Slapen in het Bourgondische kwartier
Walking distance from the Markt and the Burg — first on the square in the morning.
Hotel
Hotel Karel de Stoute
Moerstraat, historic centre
A characterful boutique hotel where history meets comfort, in a top location steps from the Markt. Self check-in.
Suites
Chocolate Suites
Oude Burg, city centre
Not a hotel, a feeling. Ten chocolate-themed suites in the buzzing centre, with king beds, self check-in and a chocolate breakfast.